Herboren Hooligan

De Triumph Speed Triple staat al jaren in de schaduw van zijn kleine broer. Waar de Street Triple – zeker de R, RX of RS – het ultieme middenklasse scheurijzer is, moest de Speed het vooral hebben van zijn charme als gespierde gentleman. De pk-strijd in het supernaked segment liet hij helemaal aan zich voorbij gaan en tegelijkertijd stapelden de kilootjes overgewicht zich op. Of toch totdat de corona-crisis uitbrak en de Speed begon te powertrainen…

Tekst: Arno Jaspers
Foto’s: Jean-François Muguet

Het was vreemd om te zien hoe Triumph volledig leek te focussen op hun Street Triple succesnummer zonder revolutionaire update voor de Speed.

Situatieschets

Wie zich de eerste Speed Triple nog kan herinneren, weet dat de originele hooligan op 30 jaar tijd wel wat van zijn wilde haren verloor. Andere krapuultjes namen de fakkel van het rauwe geweld over, terwijl de Speed zich settelde. Het lederen punkvest werd ingeruild voor een afgeborsteld maatpak, en de ruige driecilinder werd nog wel een beetje krachtiger maar vooral ook toegankelijker en getemd met een flinke dosis elektronische snufjes. Hoewel het één van de meest instant herkenbare motoren bleef met de dubbele koplampen en dito uitlaten onder het zadel, was het vreemd om te zien hoe Triumph volledig leek te focussen op hun Street Triple succesnummer zonder revolutionaire update voor de Speed. Zelfs een memorabel snelle wegrit  tijdens de perspresentatie van het laatste RS-model – de toen aanwezig journalisten trekken nog steeds bleek weg bij de herinnering – kon weinig aan het verdict veranderen: Ja, het bleef een supernaked…maar iets meer power bovenin en vooral iets minder kilo’s waren welkom.

Fast forward naar vandaag en er staat een nieuwe Speed klaar met meer cc’s, meer power en een iets meer geschifte LED-schittering in zijn ogen.

Fast forward naar vandaag en er staat een nieuwe Speed klaar met meer cc’s, meer power en een iets meer geschifte LED-schittering in zijn ogen. Dertig pk extra topvermogen en acht newtonnetjes koppel erbij zijn cijfers waar je als merk mee mag uitpakken, zéker als er ook nog tien kilo overtollig gewicht verdween. Om het blok op te frissen gingen de ontwikkelaars grondig te werk met compleet nieuwe afmetingen voor de cilinders, aanpassingen aan de ontsteking, nokkenassen, andere gasklephuizen, nieuwe versnellingsbak: de hele mikmak. Het gewichtsverlies daarentegen lijkt minder indrukwekkend als je weet dat je op de vorige Speed RS 7 kilo (!) kon winnen door de – toegegeven, erg stijlvolle – dubbele bovenliggende uitlaten te vervangen door een onderliggende Arrow. Net zoals de motor nu is uitgerust met een mooie onderliggende pijp. Om maar te zeggen het misschien niet de revolutie is die de Britse PR-dienst predikt. En toch is het hallucinant als je beseft dat deze motor met een paar extra cc’s het dubbele aantal pk’s per kilo heeft van de originele Speed.

Wat een pareltje van een standaarduitlaat in tijden van Euro5-stoofbuizen!

Inspectierondje

Yours truly was er dus als de kippen bij om richting het circuit van Pau-Arnos te bollen voor een eerste testrit met de nieuwe Speed. Een half dagje knallen op de openbare weg, gevolgd door drie circuitsessies moet volstaan voor een kennismaking. Eerst wel nog een kort inspectierondje. Daarbij valt het op dat Triumph fan blijft van vaste waarden. Zo zien we de meest hoogwaardige Brembo (Stylema) remmen, naast de top van Öhlins voor de vering, supersportief rubber van de Pirelli/Metzeler groep met centraal het typerende dubbelbuizenframe dat netjes rond de dikke triple verpakt zit. Een standaard up/down quickshifter blijft erg praktisch, terwijl ook aan het esthetische werd gedacht. Vaarwel analoge tellers en gelukkig krijgen we niet die verschrikkelijke dashboard-layout van de Street Triple. De nieuwe Speed heeft een overzichtelijk full TFT-kleurendashboard met alle mogelijke elektronische snufjes die je vandaag de dag op een supernaked mag verwachten. Triumph’s afwerkingsniveau hoorde sowieso al bij de beste op de markt en de fluogele/matgrijze afwerking verdient echt wel een applausje, samen met de strakke onderliggende uitlaatdemper. Wat een pareltje van een standaarduitlaat in tijden van Euro5-stoofbuizen! Tijdens de perspresentatie krijgen we nog een model met wat carbon extraatjes gepresenteerd, al is het moeilijk om niet verliefd te worden op het naakte basismodel. Een rauwe streetfighter die geen extra’s of accessoires nodig heeft.

Die indruk wordt bevestigd op de openbare weg, want net zoals zijn looks is de rij-ervaring heel puur en sensationeel…of toch tenminste nadat je eerst je tijd genomen hebt om de elektronica van naaldje tot draadje uit te pluizen. Wie eerder met moderne superbikes of supernakeds reed, weet dat je vandaag de dag een hele boordcomputer mee krijgt. Rijmodi, traction control, lift control, slide control, instelbare gasrespons, instelbaar ABS, bochten-ABS, cruise-control,… het kan niet op. De sleutel omdraaien en losgaan is er niet meer bij, deels ook omdat de motor is voorzien van een keyless systeem met fopsleutel. Als je simpelweg op de startknop duwt en vertrekt, dan rij je 9/10 in de veiligste straatmodus met alle vangnetten (of misschien toepasselijker: handboeien) strak aangespannen. Exact wat je niét wil op een hooliganbike.

Net zoals zijn looks is de rij-ervaring heel puur en sensationeel…of toch tenminste nadat je eerst je tijd genomen hebt om de elektronica van naaldje tot draadje uit te pluizen.

Voor wat meer ervaren piloten loont het dus zeker om de tijd te nemen en de elektronicabediening uit te pluizen voor een rijmodus naar jouw zin. Doe je dat, dan krijg je zelfs een koude motor met 2 extra duwtjes op de joystick in jouw favoriete setting. Toegegeven, ik moest het zelf wel eerst 3 keer aan de mensen van Triumph vragen eer ik dit begreep want de menu’s zijn erg talrijk en niet geweldig duidelijk…

Ik kan het niet genoeg benadrukken hoe belangrijk de eerste gasaanname is om een motor te controleren en deze Speed is het schoolvoorbeeld onder de supernakeds.

Waar andere supernakeds je als een bokkende stier willen afwerpen, kenmerkt de Speed zich met een ‘stiff upper lip’: altijd koel en beheerst, zelfs op het randje.

Rijden: openbare weg

Anyways: over naar het rijden! Wie met de Speed Triple RS 1050 reed, weet wel ongeveer waaraan hij zich mag verwachten. De motor is niet van de ene op de andere generatie veranderd in een woeste barbaar. Zoals gezegd kwam er (vooral bovenaan) serieus wat power bij, maar de Speed kenmerkt zich nog steeds met een sublieme, zijdezachte gasrespons. Zelfs in de meest agressieve modus. Ik kan het niet genoeg benadrukken hoe belangrijk de eerste gasaanname is om een motor te controleren en deze Speed is het schoolvoorbeeld onder de supernakeds. Draai je het gas ver genoeg open, dan komt de driepitter goed op stoom met een heel constante krachtverdeling over de toerenschaal. Onder de 3 op de teller gebeurt er niets, vanaf dan trekt hij snel door naar de zes en tussen de 9 en 11 zit nog een pittige dosis poeier. Paradoxaal genoeg is het opvallendste daarbij nog steeds hoe moeiteloos deze motor je vooruit stuwt. De soundtrack is prachtig en uiteraard is dit een sensationele, bloedsnelle motor…maar waar andere supernakeds je als een bokkende stier willen afwerpen, kenmerkt de Speed zich met een ‘stiff upper lip’: altijd koel en beheerst, zelfs op het randje.

Waar andere merken sukkelen om hun quickshifter bij hoge en lage toeren met een identiek gevoel en precisie te laten schakelen, lukt het op de Speed Triple keer op keer feilloos.

Maar vooraleer ik dat randje op circuit zoek, is het tijd om te genieten van de prachtige wegen in Zuid-Frankrijk. De streek rond Pau is geniaal en zolang de wielerterroristen binnen blijven, kan je er geniaal toeren. Het is heerlijk surfen op de koppelgolf van deze dikke driepitter en in de bochten staat hij net op rails. Bedankt, Öhlins NIX/TTX volledig instelbare vering en Metzeler Racetek RR mk3! Stabiliteit is misschien wel dé troef waarmee de Speed zich onderscheidt van de andere, krachtigere nakedbikes en ook van zijn Street Triple broertje. Hij weegt met 198k rijklaar 10 kilo minder dan de vorige generatie, maar nog steeds 9 kilo meer dan pakweg een Superduke. Dat draagt ongetwijfeld ook bij aan het gemoedelijkere stuurkarakter van de Speed, zonder nerveus zoekende voorkant. Bij scherp overgooien is het wel werken geblazen met redelijk wat topzware kilo’s en toch kan het rijkarakter van de Speed me bekoren. Geen temperamentvolle uitbarstingen, gewoon ijskoud knallen.

Rijden: Circuit

Meer van dat op het korte, erg afwisselende circuit van Pau-Arnos. Op een verse set Pirelli Supercorsa SC II’s kleeft de Speed lekker aan het asfalt en hier komt het rijwielgedeelte helemaal tot haar recht. Onder een stralend zonnetje merk ik wel dat de standaard sport-setup nog een tikkeltje strakker mocht achteraan, al is dat zo gefixt met wat meer ingaande demping. Vanaf dan is het bocht na bocht genieten van het stuurkarakter onder begeleiding van de sympathieke up/down quickshifter plofjes uit de uitlaat. Het moet trouwens gezegd: de versnellingsbak-quickshifter combinatie is simpelweg de beste op de markt. Waar andere merken sukkelen om hun quickshifter bij hoge en lage toeren met een identiek gevoel en precisie te laten schakelen, lukt het op de Speed Triple keer op keer feilloos. Drie kussen van de juffrouw en een bank vooruit voor de ontwikkelaars die dit realiseerden.

De Brembo MCS hoofdremcilinder is aanpasbaar voor een heel directe bite, dan wel een soepelere doseerbaarheid van de remmen. Waarom staat dit nog niet standaard op iedere dikke supernaked of superbike?

Datzelfde geldt overigens ook voor de jongens van Brembo, en dan heb ik het niet zozeer op hun Stylema remklauwen (al scoren die ongetwijfeld goed aan de cafétoog). Ik blijf erbij dat geen énkele rijder het verschil met een M50 of M4.32 zou voelen in een blinde test, maar je merkt wel meteen de instelbare MCS hoofdremcilinder. Uiteraard kan je zowel het koppelings- als remhendel in afstand verstellen, maar de MCS cilinder is ook in remdruk aanpasbaar voor een heel directe bite, dan wel een soepelere doseerbaarheid van de remmen. Waarom staat dit nog niet standaard op iedere dikke supernaked of superbike? Datzelfde geldt voor de optionele anti-diefstal GPS-tracker. Dit snufje staat tegenwoordig standaard op zowat iedere elektrische fiets en in 2021 biedt Triumph het als optie aan. Andere leuke gadgets zijn nog Google Maps GPS-aansturing op je dashboard en de bediening van je GoPro-actioncam met de stuurknoppen, al kon ik dat spijtig genoeg niet uitproberen op onze testrit.

Indien je al tot hier in de tekst geraakt bent, zit je ongetwijfeld op hete kolen om de minpunten te horen. Na heel lang zoeken en nadenken in overleg met de andere journalisten, kwam ik op de proppen met de volgende puntjes: De stickers zitten niet onder de lak, de bar end spiegels trillen vanaf 5.000 toeren te fel om er nog iets in te zien en ik had graag iéts meer ondersteuning gehad achteraan het zadel. Mierenneukerij eerste klasse.

Conclusie

Hoewel het verschil met de vorige generatie Speed Triple RS beperkter is dan de technische fiche je doet geloven, blijft deze Triumph een referentie binnen de supernakeds. De update zorgt voor meer aansluiting naar geweldenaars als de Tuono of Superduke, al is de herboren hooligan onderhuids ook een gesofisticeerde gentleman met alle mogelijke technische snufjes en elektronische hulpmiddeltjes voor een onbezorgd dagdagelijks gebruik. En wanneer de remmen los mogen in het weekend staat hij op de eerste rij om hard te knokken met z’n geniale driecilinder en prachtige uitrusting. Dat mag uiteraard ook wel voor de vanafprijs van €17.800 in België en 20.250 in Nederland. Een prijs waarmee hij zich – volledig terecht – tussen de andere toppers bij de supernakeds plaatst. Niet onbelangrijk voor de BIV-rekenwonders: ook beschikbaar in 85kW-versie.

Het basisrecept van de Triumph Speed Triple zat dertig jaar geleden al goed, maar in 2021 lijkt de cirkel opnieuw rond. Na enkele jaren in de schaduw van de Street Triple RS mag de Speed zich opnieuw de beste Triumph nakedbike noemen.

MaxxTest: Triumph Speed Triple 1200RS
De Speed Triple 1200RS heeft niet de stijl van de Streetfighter V4, niet de power van de Tuono V4 en niet het maniakale stuurkarakter van de Superduke. Maar neem het van me aan dat deze ijskoude killer vlotjes in de rij aansluit als underdog.
maxxFactor96%
rijplezier92%
gebruiksgemak87%
prijsfactor79%
wheeliemachine94%
bochtmeister95%
pluspunten
  • Geniaal motorblok
  • überstabiel chassis
  • Beste standaard remsetup + quickshifter op de markt
minpunten
  • Blijft iets (top)zwaarder dan de concurrentie
  • Trillingen in de spiegels
  • Stickers onder de lak waren nog iéts mooier geweest
91%maxxscore

About The Author

Zaakvoerder en hoofdredacteur van MaxxMoto.

Related Posts